Het orgel in de Sint piter

Op zaterdag 10 en zondag 11 december 2011 is het Van Dam-orgel (1853) in de Sint Piterkerk na de restauratie weer in gebruik genomen. Op 2 mei 2011 starten de werkzaamheden omtrent de restauratie van dit instrument. De meest grote pijler van deze restauratie was het rechtzetten van de orgelkast. Deze zakte voorover de kerk in en is in totaal ongeveer zes cm opgetild. Hiervoor moest al het pijpwerk uit de orgelkast worden verwijderd. Toen dit toch moest gebeuren heeft orgelmakerij Bakker & Timmenga ook naar de mechanieken gekeken en het één en ander weer hersteld.

Dispositie van het Van Dam-orgel (1853)

Hoofdwerk: (C-g3)
Prestant 16
Octaaf 8
Holpijp 8
Quintadeen 8
Portunaal Discant 8
Octaaf 4
Roerfluit 4
Woudfluit 2
Mixtuur 2-4 sterk
Cornet 3 sterk
Trompet 8

Bovenwerk: (C-g3)
Roerfluit 8
Salicionaal 8
Viool de Gamba 8
Salicet 4
Flute Travers 4
Gemshoorn 2
Dulciaan 8
Tremulant BW

Pedaal: (C-d1)
Subbas 16
Prestant 8
Quintadeen 8 (–> wordt op termijn Fagot 16)
Octaaf 4
Trombone 8

Verder Manuaalkoppel en Pedaalkoppel aan HW

Een bladzij over het orgel en de dispositie vindt u op www.carlvisser.nl